Naar de inhoud
Keuringsplicht

Keuringsplicht: wie is er verantwoordelijk als het misgaat?

De werkgever, de inlener, de verhuurder of de keurmeester? Een nuchtere uitleg van waar de verantwoordelijkheid ligt en hoe je die aantoonbaar invult.

Redactie Tooltagger7 min lezen

Zolang er niets misgaat, lijkt de vraag naar verantwoordelijkheid puur theoretisch. Valt er een gewonde, dan is het meteen de eerste vraag die op tafel ligt.

De hoofdregel: de werkgever

De Arbowet wijst de werkgever aan als eindverantwoordelijke voor veilige arbeidsmiddelen. Die verantwoordelijkheid kun je niet delen en ook niet wegcontracteren. Werkt jouw medewerker met materieel dat jij ter beschikking stelt, dan rust de plicht om dat materieel veilig te houden volledig bij jou.

Het Arbobesluit maakt dit concreet: arbeidsmiddelen die door gebruik, slijtage of omgevingsinvloeden gevaarlijk kunnen worden, moeten periodiek door een deskundige worden gekeurd.

Wat dat betekent bij inlenen en verhuren

Werkt er iemand op jouw locatie met jouw materieel, dan geldt jouw keuringsplicht — ook als diegene via een uitzendbureau of detachering op het project staat. De loonlijst is niet bepalend; het gebruik onder jouw regie wel.

Bij gehuurd materieel zorgt de verhuurder ervoor dat het gekeurd wordt afgeleverd en levert hij daarvan bewijs. Zodra het op jouw werk staat en jouw medewerkers ermee aan de slag gaan, kijk je zelf met een praktische blik naar de veiligheid. Een sticker van de laatste keuring zegt weinig als er inmiddels een beschadigd snoer aan de machine zit.

Ook het eigen gereedschap dat medewerkers meenemen, valt onder jouw zorgplicht zodra jij het toestaat. Laat je een monteur zijn persoonlijke boormachine gebruiken, dan moet die machine net zo goed gekeurd zijn. Dit blijkt in de praktijk vaak een blinde vlek.

De rol van het keuringsbedrijf

Het keuringsbedrijf voert de inspectie uit en legt de uitslag vast in een rapport. Het neemt de wettelijke plicht van de werkgever niet over; het geeft de werkgever het bewijs waarmee hij aantoont dat hij aan zijn keuringsplicht heeft voldaan.

Daarom weegt de kwaliteit van dat bewijs zwaar. Een rapport zonder unieke koppeling aan een object, zonder datum, beoordeling en naam van de keurmeester, biedt je na een incident weinig houvast.

Aantoonbaar invullen, in vier punten

  1. Weet wat je hebt. Stel een actuele inventarislijst op van alle arbeidsmiddelen en geef elk object een eigen identificatienummer.
  2. Bepaal de keuringsfrequentie. Kies niet simpelweg voor ‘jaarlijks’, maar baseer de frequentie op gebruik, intensiteit en werkomgeving. Leg daarvan de onderbouwing vast.
  3. Haal afgekeurd materieel direct uit roulatie. En registreer dat deze maatregel daadwerkelijk is genomen. Afkeuren zonder actie keert zich tegen je als er toch iets mee gebeurt.
  4. Bewaar niet alleen de laatste keuring. Zorg voor een historische lijn van enkele jaren. Bij een ongeval kijkt men naar patronen, niet naar één momentopname.

Waar het meestal fout gaat

Meestal gaat het niet mis bij de keuring zelf, maar bij wat er erna gebeurt. Materieel dat is afgekeurd, wordt ‘voor even’ in een hoek gezet, en duikt weken later stilletjes weer op in de werkbus omdat iemand het nodig had. Zonder registratie blijft dat onopgemerkt — precies het scenario waarin de vraag naar verantwoordelijkheid uiterst vervelend uitpakt.

Wil je weten hoe jouw organisatie ervoor staat? De quickscan keuringsbeheer loopt in twaalf stellingen langs registratie, keuren, bewaken en aantonen.

Aan de slag

In vijf minuten
live.

Account aanmaken, eerste tool scannen, keuring inplannen. Geen verkoopgesprek vooraf, geen implementatietraject, geen creditcard.

  • 14 dagen gratis
  • Geen creditcard nodig
  • Maandelijks opzegbaar