NEN 671-3 Brandslanghaspels
In grotere gebouwen zijn vaak brandslanghaspels geïnstalleerd. Deze lange slangen staan permanent onder waterdruk, zodat je een beginnende brand direct kunt bestrijden. Omdat ze een cruciale rol spelen bij brandbestrijding, is regelmatig keuren verplicht. Alle eisen voor inspectie en onderhoud staan in de NEN 671-3.
Wat valt er onder de NEN 671 voor brandslanghaspels?
Brandslanghaspels zijn vaste blusvoorzieningen die aan de waterleiding zijn gekoppeld. De slang meet doorgaans twintig meter of langer. Je vindt ze vooral in gebouwen met een vloeroppervlak van meer dan 500 m². In hoge gebouwen zijn vaak droge blusleidingen toegepast.
De norm NEN 671-3 onderscheidt twee uitvoeringen:
- Haspels met een vormvaste slang. Deze slang behoudt zijn ronde vorm als er geen water doorheen stroomt, vergelijkbaar met een tuinslang.
- Haspels met een plat oprolbare slang. Deze flexibele slang vouwt zich plat bij het oprollen.
Niet alle blustoestellen vallen onder NEN 671. Voor andere blusmiddelen bestaan aparte normen.
- NEN 4001: geeft aan hoeveel bluscapaciteit een gebouw minimaal moet hebben.
- NEN 2559: geldt voor draagbare blustoestellen, zoals de rode brandblussers met CO2, poeder of schuim.
- NEN 2659: heeft betrekking op verrijdbare bluswagens; de keuringscriteria zijn vergelijkbaar met NEN 2559.
- NEN 1594: regelt droge blusleidingen, vaak gebruikt in hoge gebouwen.
Verplichtingen volgens de norm
De NEN 671-3 verplicht tot periodieke keuring van beide typen brandslanghaspels. Eén keer per jaar vindt een volledige controle, reiniging en zo nodig onderhoud plaats. Eens in de vijf jaar wordt de slang beproefd onder maximale waterdruk.
Op de installatie moet een markering aanwezig zijn met de datum van het laatste onderhoud of de laatste keuring. Daarnaast is het verstandig om een aparte registratie bij te houden, bijvoorbeeld in een digitaal systeem.
Wie mag een keuring uitvoeren?
Zoals bij alle normen voor brandblusapparatuur, schrijft de NEN 671-3 voor dat de keuring moet worden uitgevoerd door een REOB-erkend onderhoudsbedrijf. Zelf keuren is niet toegestaan.
Hoe vaak moeten brandslanghaspels gekeurd worden?
In tegenstelling tot draagbare of verrijdbare blustoestellen, moeten brandslanghaspels jaarlijks worden gekeurd. Om de vijf jaar ondergaat de installatie een beproeving waarbij de maximale waterdruk op het systeem wordt gezet.
Wat zijn de belangrijkste inspectiepunten in NEN 671-3
Tijdens een inspectie volgens NEN 671-3 let de keurmeester op de volgende punten:
- Bereikbaarheid en signalering: is de haspel vrij toegankelijk en voorzien van een duidelijk pictogram?
- Zijn de handleiding en de productiegegevens goed zichtbaar?
- Zichtbare gebreken, zoals roest of lekkage.
- Uitrollen van de slang en controle op haarscheurtjes; ook de geleider moet soepel werken.
- Werking van de kraan: openen en sluiten zonder haperingen.
- Toevoerleiding en waterdruk: wordt een debiet van minimaal 1,3 m³ per uur gehaald?
Het registreren van keuringen
Na afronding van de keuring brengt het erkende bedrijf een etiket aan op de brandslanghaspel. Toch is het aan te raden om de keuringsgegevens ook centraal vast te leggen, bijvoorbeeld met Tooltagger materieelbeheer. Hiermee kun je te allen tijde aantonen dat de haspels op tijd en conform de norm zijn gekeurd. Het systeem geeft automatisch een seintje wanneer een volgende keuring nodig is.
Meer informatie vind je op onderstaande pagina’s:
- Wat is de maximale lengte van een brandslanghaspel?
- Brandblussers keuren
